Vreemd college: de vertwijfeling van Zef Hemel

22 september 2015  /  RUIMTEVOLK

Dit artikel komt uit het RUIMTEVOLK archief (2007-2017)

Spreker Zef Hemel kijkt met vertwijfeling terug op het eerste RUIMTEVOLK College in het Volkshotel in Amsterdam. “At a certain point I imagined there was Karl Marx standing in the middle of the Volkshotel (ironic name: People’s Hotel), an intellectual rousing the proletariat. Or was it Max Havelaar? I thought revolution might be coming,” stelt hij op zijn website.

Thema van het College was “Vreemd vermogen in de stad”. Zowel Ewald Engelen (financieel geograaf, UvA) als Zef Hemel (planoloog, UvA) waren gevraagd een kort college te geven over dit onderwerp. Er verschijnen de laatste tijd allerlei alarmerende berichten over dit onderwerp in de media en ook werd eerder al op RUIMTEVOLK over deze ontwikkeling geschreven. Doel van het RUIMTEVOLK College was het onderzoeken van wat er nu eigenlijk aan die ontwikkelingen ten grondslag ligt en wat buitenlandse investeringen betekenen voor de ontwikkeling van onze steden.

Engelen trapt af met een betoog over triumphalist urbanism en dringt aan op politieke keuzes. Hemel voelt zich vervolgens als Bakunin die tegenover Karl Marx staat en tevergeefs probeert uit te leggen dat globalisering niet te stoppen is: “Engelen thinks globalization is a project you can stop, while I think globalization is a process you have to deal with. Marx and Bakunin. I’m afraid Marx will win, again.”

Overigens waren beide heren het erover eens dat waakzaamheid geboden is. Of globalisering nu te stoppen is of niet, het kan onwenselijke gevolgen hebben waar we voor op moeten passen. Net als Marx en Bakunin het vooral oneens waren over de analyse en niet zozeer over de conclusie.

Lees ook het blog van Ron Buiting over het RUIMTEVOLK College.

Foto boven: RUIMTEVOLK

RUIMTEVOLK College



Ook interessant:

Publieke welvaart

Simon Franke en Wouter Veldhuis

Schipperen tussen grote opgaven en lokale oplossingen

Jeroen Niemans

Verdichting vraagt om verrijkende participatie

Karin de Nijs, Marie Morel, Sandra Bos en Stan Majoor