Meebewegen of sturen, wereldstad of middelmaat?

21 september 2015  /  Ron Buiting

Dit artikel komt uit het RUIMTEVOLK archief (2007-2017)

Met bijeenkomsten in een college-jasje wil RUIMTEVOLK duiding geven aan de jachtige ruimtelijke wereld om ons heen. De eerste editie op donderdag 17 september staat in het teken van ‘vreemd vermogen in de stad’: er is een trend van toenemende buitenlandse investeringen. Hoe komt dat, wat doet dat kapitaal met de stad en hoe kunnen we er mee omgaan? Financieel geograaf Ewald Engelen en planoloog Zef Hemel nemen plaats achter de kansel om de goedgevulde zaal in het Volkshotel mee te nemen in een warm collegeavondje.

Met het aanhalen van denkers over de ontwikkeling van de stad door Engelen en Hemel wanen velen in de zaal zich weer letterlijk in de collegebanken. Edward Glaeser komt voorbij, die stelt dat steden te vergelijken zijn met ondernemingen die in competitie zijn met elkaar. Richard Florida wordt genoemd, zijn ‘rise of the creative class’ draait om steden als plekken van concentraties van talent, creativiteit en innovatie. En in de ‘space of flows’ van Manuel Castells zijn grote steden in de wereld in toenemende mate met elkaar verbonden en steeds minder met de landen waarin ze liggen. Naast deze meer observerende perspectieven wordt ook Saskia Sassen aangehaald, die in haar recente werk globalisering en kapitalisering ziet als een brutale beweging waardoor het karakter van steden verloren gaat.

Passanten parasiteren de stad

“Steden zijn steeds meer beleggingsobjecten voor lieden die vastgoed in cash betalen en worden onbetaalbaar voor koddebeiers zoals wij,” stelt Ewald Engelen. Overheden maken het de financiële sector en ‘toevallige passanten’ als buitenlandse beleggers en brievenbusfirma’s – ‘rent seekers’ – veel te makkelijk. Bestuurders focussen op ranglijsten van steden met de meeste hoofdkantoren, toeristen en congressen, maar de gevolgen voor de meeste stadsbewoners zijn negatief: hogere kosten voor levensonderhoud, terwijl zij de belasting ophoesten voor collectieve voorzieningen waarvan deze ‘parasieten’ onbetaald gebruik maken.

De financiële sector – volgens Florida ook onderdeel van de creatieve klasse – voegt weinig productiviteit toe maar onttrekt wel kapitaal aan onze dagelijkse economie. Wat hieraan te doen? “We moeten die bedrijven belasting laten betalen en eisen dat een buitenlandse belegger een aanmerkelijk belang in de betreffende stad heeft in plaats van een voorbijganger te zijn.”

De stad als spekkoek: het gaat om de alledaagse economie

En de focus op lijstjes, die vindt Engelen vreemd, aangezien steden als geheel maar beperkt met elkaar concurreren. Hij legt dit uit aan de hand van een spekkoek. ‘de financiële markt en bijbehorende consultants, de internationaal concurrerende bedrijvigheid, maken maar een heel dun laagje van die koek uit; 95% van de stad draait op de economie van alledag: onderwijs, overheidsdiensten, je dagelijkse benodigdheden. Dat klinkt saai, maar als je kijkt naar steden die over een langere periode succesvol zijn geweest, zijn dat middelgrote, Noord-Europese steden.’

Concentratie is de nieuwe norm, of je het leuk vindt of niet

Zef Hemel heeft weinig op met middelmatigheid. “De wereld is plat geworden,” refereert hij naar Castells. “Concentratie is de nieuwe norm. En dat geldt niet alleen voor geld, maar ook voor mensen. Amsterdam heeft steeds minder met de rest van Nederland te maken,” illustreert hij met kaartjes van Airbnb en het stroomverbruik voor internet, beide geconcentreerd in de hoofdstad. Hij vervolgt: “Ik geloof niet in het parasitaire. Ik ben er niet over uit of vreemd vermogen zo slecht is. De stad heeft altijd vreemd kapitaal aangetrokken, daar is niks mis mee. Maar we moeten wel oppassen, het gaat erom dat je maat houdt.”

Globalisering, de trek naar de stad: het overkomt ons volgens Hemel, we kunnen ons niet onttrekken aan de concentratie en daarmee gepaarde waardestijging. “Die riante doorzonwoning zit er niet meer in.” We gaan kleiner wonen, ruimte delen, en met veel meer mensen in Amsterdam wonen: de stad verdubbelt, aldus Hemel. “En erfpacht is een goede beschermconstructie. Chinese vastgoedbeleggers willen grond en wijken daarom nu uit naar Sydney. Zo houden we het rustig en ontkomen we aan de ‘brutality’ die Saskia Sassen schetst.”

Gespreksleider Sjors de Vries in gesprek met Zef Hemel en Ewald Engelen (foto: Pipo via Pim)

Gespreksleider Sjors de Vries in gesprek met Zef Hemel en Ewald Engelen (foto: RUIMTEVOLK)

Meebewegen versus sturen; wereldstad versus middelmaat

Engelen mist in het verhaal van Hemel het politieke krachtenveld met actoren. “Gobalisering is geen op zichzelf staand fenomeen, maar een gevolg van politieke besluiten om markten open te gooien.” Hemel pareert: “Ewald doet alsof we met elkaar kunnen afspreken ‘we doen er niet aan mee’ en dan houden we het hier gezellig in onze middelgrote stadjes. Dat is naïef. We moeten meebewegen.” Engelen slaat terug met een negatief gevolg van de concentratie van kapitaal: de nationalisatie van ABN Amro. “Heel Nederland moest 129 miljard betalen voor de redding van de bank. Hoezo staat Amsterdam steeds meer los van de rest van het land?”

Voer voor politiek debat

Zo eindigt de avond in een interessante discussie, waar het programma helaas niet in heeft voorzien. “Politiek debat is niet de opzet van dit college, het gaat om verdieping van de inhoud,” aldus de organisatie. En dat is jammer, want de aangesneden onderwerpen bieden veel stof tot nadenken. Met wat voor bril kijk je naar de stad? Is de invloed van kapitaalstromen op de stad iets wat ons overkomt, waar we op mee moeten bewegen? Of zijn deze stromen onderhevig aan een politiek krachtenveld en daarmee te sturen? Dat perspectief is bepalend voor de richting van te maken keuzes over de toekomst van de stad en land.

Naast meebewegen of sturen bleef ik aan het einde van de avond achter met een vraag die niet hardop was uitgesproken, maar de tegenstelling van groot versus middelmaat raakt: wat is de maatstaf voor een gelukkige stad? Is dat vastgoedwaarde, kapitaal, meedoen in de lijstjes van hoofdkwartieren en toeristische bestemmingen, van wereldsteden? Of is dat een betaalbare stad voor de koddebeiers zoals de niet als creatief geclassificeerde vuilnismannen en onderwijzers, de stad van een constante middelmatigheid? Een vraag die mij als burgemeester wakker zou houden.


Foto boven: Ewald Engelen vertelt over de mythe van ’triumphalist urbanism’ (foto: RUIMTEVOLK)

Vreemd Kapitaal

Ron Buiting Beleidsadviseur

Over de auteur

Ron Buiting werkt als beleidsadviseur bij gemeente De Ronde Venen. Hij is mede-initiatiefnemer van bewonersinitiatief Rotsoordbrug en maakt deel uit van de Utrechtse Ruimtemakers, een 'zwerm' initiatiefnemers in Utrecht.



Ook interessant:

Schipperen tussen grote opgaven en lokale oplossingen

Jeroen Niemans

Een ruimte van verschil

Hans Teerds

Grenzen verleggen in Oosterwold

Judith Lekkerkerker