‘Tactical urbanism’ als alternatief voor neoliberale stedenbouw

22 april 2015  /  RUIMTEVOLK

Dit artikel komt uit het RUIMTEVOLK archief (2007-2017)

Tijdelijke bottom-up interventies die steden meer leefbaar moeten maken. Ze zijn niet meer weg te denken uit de stad en al helemaal niet uit het debat tussen planners, beleidsmakers en – uiteraard – burgers. Ondertussen groeit de wereldbevolking verder. In 2030 zal twee derde van de mensheid in steden wonen. In het MoMa in New York is momenteel een tentoonstelling te zien over de rol die stedelijke interventies kunnen spelen in ’s werelds snelst groeiende steden.

Snelle bevolkingsgroei, een veranderende economie en industrie, sociale polarisatie, ontoereikende maatschappelijke voorzieningen en infrastructuur, publieke instituties met weinig slagkracht, milieuproblemen en sociale onrust. De uitdagingen waar de snelst groeiende steden voor staan lijken haaks te staan op de wereld van bottom-up stedelijke interventies, die vaak kleinschalig zijn en vrolijkheid uitstralen. De tentoonstelling Urban Growth – Tactical Urbanisms for Expanding Megacities verbindt beide kanten van de medaille door de vraag te stellen wat ‘tactical urbanism’ de snelgroeiende steden te bieden heeft.

Do-it-yourself

De term ‘tactical urbanism’ wordt gebruikt als verzamelnaam voor (tijdelijke) stedelijke bottom-up interventies. Volgens de curatoren van de tentoonstelling komen is het een grassroots, participatory, hands-on, do-it-yourself vision of urban restructuring, in which those who are most directly affected by an issue actively mobilize to address it, and may continually mobilize to influence the evolution of methods and goals.”

Voor de tentoonstelling gingen teams van architecten en onderzoekers op onderzoek uit in Hong Kong, Istanbul, Lagos, Mumbai, New York en Rio de Janeiro. Zij kregen de opdracht om voorstellen te doen voor stedelijke interventies in de meest snelgroeiende steden ter wereld. Maar uiteindelijk gaat de expositie om meer dan alleen deze voorstellen: er ontstond een omvangrijk debat over de wereldwijde stedelijke dynamiek en de mogelijkheid voor architecten, urban designers en planners om hier een positieve bijdrage aan te leveren.

Voorstel voor alternatief duurzaam transport in Lagos uit de MoMa-tentoonstelling Uneven Growth (Bron: Courtesy NLÉ en Zoohaus/Inteligencias Colectivas, 2014)

Voorstel voor alternatief duurzaam transport in Lagos uit de MoMa-tentoonstelling Uneven Growth (beeld: NLÉ en Zoohaus/Inteligencias Colectivas, 2014)

Tegenhanger van het neoliberalisme

In een essay dat Neil Brenner, hoogleraar aan de Harvard Graduate School of Design, publiceerde als bijdrage aan het debat rondom de tentoonstelling, stelt hij de vraag of ‘tactical urbanism’ daadwerkelijk oplossingen biedt voor de problemen van snelgroeiende megasteden, of op zijn minst bruikbare perspectieven voor de toekomst van de steden.

Hij onderkent dat het raamwerk van ‘tactical urbanism’ interessant is om verschillende designexperimenten die in megasteden voorkomen te interpreteren, maar vraagt zich af of ‘tactical urbanism’ inderdaad tegenover neoliberale stedelijke planning gezet kan worden, zoals in veel gevallen gebeurt. Volgens Brenner zijn kleinschalige bottom-up stedelijke interventies democratischer en is het doel vaak sociale cohesie creëren. Bovendien zijn de interventies niet van te voren van bovenaf gepland. Toch wil dat nog niet zeggen dat ze wrijving veroorzaken met de neoliberale planning.

De spanning tussen neoliberale planning en (tijdelijke) stedelijke interventies mag volgens de auteur nog veel verder uitgediept worden en vaker opgezocht worden. Daarnaast moet de vakwereld zich verder ontwikkelen en zichzelf meer systematisch inlaten met juist de institutionele vormen van design om (ongeschreven) regels om te buigen en daadwerkelijk duurzame, progressieve, stedelijke interventies te creëren.

Hoewel de tentoonstelling nog niet alle antwoorden op de vragen over de bijdrage en potentie van bottom-up interventies in de dynamiek van de snelstgroeiende steden geeft, is ’tactical urbanism’ door het MoMa naar een hoger niveau getild vanwege de verbindingen die de tentoonstelling legt tussen dergelijke initiatieven in de verschillende snelgroeiende steden.

Daarmee worden de stedelijke interventies neergezet als nieuw referentiekader om de verschuivende verhoudingen tussen bottom-up en top-down te onderzoeken. Bovendien zwengelt de tentoonstelling een wezenlijke discussie aan over de rol en betekenis van architecten, stedenbouwers en ontwerp in de dynamiek van de booming megasteden.

De tentoonstelling is nog te zien tot 10 mei 2015 in het MoMa in New York.

Foto boven: Voorstel voor een ’tactical urbanism’-interventie om de slums van Mumbai te presenteren als plekken van productiviteit, creativiteit en inventiviteit (beeld: Ensamble Studio/MIT-POPlab, 2014).

Agenda StadBottom-upNew YorkToekomst van de StadTop-down



Ook interessant:

Een grootse traditie van maatwerk

Kris Oosting

Stel de energieopgave centraal in omgevingsbeleid

Jeroen Niemans

Werken aan de productieve stad

Kris Oosting