De toekomst van de naoorlogse portiekflat

03 maart 2015  /  RUIMTEVOLK

Dit artikel komt uit het RUIMTEVOLK archief (2007-2017)

In 1962 bezocht koningin Juliana de miljoenste naoorlogse portiekflat. De toenmalige minister van Volkshuisvesting en Bouwnijverheid, Jan van Aartsen, pleitte er dezelfde dag voor om deze manier van bouwen nog zeker tien jaar voort te zetten. Iedereen was vol lof. Nu, ruim 50 jaar later, hebben de flats hun populariteit verloren en zijn het incourante woningen geworden.

In zijn blog ‘Het woelige leven van de portiekflat’ schetst Martjan Kuit, redacteur van Cobouw, het leven van de portiekflat. Hij hoopt dat dit type woning niet massaal aan de sloophamer ten prooi zal vallen.

Toch is sloop niet het enige scenario voor de portiekflats. Deze woningen zijn bijvoorbeeld heel geschikt om energieneutraal te renoveren. Hier zijn al verschillende partijen mee bezig. Het programma Slim & Snel begeleidt woningcorporaties om de energieprestatie van  jaren ’60-’70-woningen te verbeteren en in Groningen zijn de eerste nul-op-de-meter portiekflats al opgeleverd. Ook in Utrecht wordt nagedacht over een nieuwe toekomst voor de portiekflats met het programma ‘flat met toekomst’. Wellicht dat de portiekflat op deze manier nogmaals een voorbeeld kan zijn van een moderne woning.

Foto: Onderwijsgek (Wiki Commons / CC BY-SA-2.5)

EnergieNederland KringlooplandtoekomstWoningcorporaties



Ook interessant:

Het publiek domein als grote gelijkmaker

Anne Seghers en Sjors de Vries

Het platteland verandert sneller dan de stad

Anne Seghers

Schipperen tussen grote opgaven en lokale oplossingen

Jeroen Niemans