IABR: nieuwe bezieling voor stedenbouw en ruimtelijke ordening

30 mei 2014  /  Judith Lekkerkerker en Sjors de Vries

Dit artikel komt uit het RUIMTEVOLK archief (2007-2017)

Nagenoeg elke astronaut is na een bezoek aan de ruimte zo getroffen door de schoonheid en kwetsbaarheid van de aarde, dat hij vervolgens door het leven gaat als een evangelist die mensen oproept om zuinig te zijn op onze planeet en om te werken aan een duurzamer leven op aarde. The overview effect heet dat. Dirk Sijmons, curator van de zesde Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam (IABR), heeft er bewust voor gekozen dit effect en het perspectief van een astronaut in het introductiefimpje van de IABR te gebruiken. IABR en Sijmons hebben namelijk een missie, ze willen de (vak)wereld wakker schudden. En ze doen dat op overtuigende wijze.

De meeste klimaatproblemen hebben hun wortels in de stad of zijn onlosmakelijk verbonden met verstedelijking. En daarom ligt ook de oplossing van deze problemen in de stad. Dat is het statement van de IABR. De biënnale onderzoekt de mogelijkheden om te werken aan een duurzamer leven op aarde aan de hand van verschillende invalshoeken. Deze worden inhoud gegeven met bijna 100 inspirerende (inter)nationale best-practices en drie Nederlandse projectateliers.

IABR-Urban-by-Nature-Expositie

Een van de expositiehallen

Projectateliers
In het eerste atelier onderzoeken FARO architecten en la4sale op Texel de mogelijkheden om van Texel stapsgewijs een zelfvoorzienend eiland te maken. De interactie tussen mens en natuur staat hierbij centraal. De benadering van de stad als organisme, met een eigen metabolisme, is een tweede invalshoek van de IABR. Stromen als lucht, water, afval, mensen en goederen worden uiteen getrokken en diverse manieren van innovatieve inzet van deze stromen worden aan de hand van (inter)nationale projecten geïllustreerd. De mogelijkheden van deze benadering is door ontwerpbureaus .Fabric en James Corner Field Operations voor de regio Rijnmond onderzocht. Tot slot staan strategieën voor stedelijke landschappen centraal en heeft een combinatie van LOLA Landscape Architects, Floris Alkemade Architect en Architecture Workroom Brussels strategieën voor Brabant ontwikkeld binnen het onderzoeksatelier BrabantStad.

Cross-overs
De IABR laat volgens curator Dirk Sijmons de rol zien die ontwerp kan spelen in het aandragen van innovatieve oplossingen. Daarbij worden steeds vaker interdisciplinaire cross-overs gemaakt. Uitdagingen en kansen worden slim verknoopt waarmee niet alleen direct effect wordt gesorteerd maar ook meerwaarde wordt gecreëerd. Zo wordt het zand dat restproduct is van tunnelbouw in de Zwitserse Alpen ingezet om een nieuw ecologisch landschap te maken. Op zo’n manier ontworpen dat het ook aantrekkelijk is voor toerisme. In Jakarta wordt de opgave om de waterkwaliteit van de Ciliwung-rivier te verbeteren en overstromingen te voorkomen aangepakt met een ontwerpbenadering die nauw aansluit bij de cultuur van de kampongs in de rivierbedding. Op die manier wordt met de transformatie niet alleen bijgedragen aan ecologische en hydrologische verbeteringen, maar ook aan het leven van de kampongbewoners.

IABR-Urban-by-Nature-Casablanca

Casablanca

Dat modern watermanagement veel meer is dan zand opspuiten, kanalen of dijken aanleggen, wordt veelvuldig getoond. Onder andere met de projecten in kader van de door de Hurricane Sandy Rebuilding Task Force georganiseerde ontwerpwedstrijd Rebuild by Design, die onder leiding stond van de Nederlander Henk Ovink . In de tien geselecteerde interventies wordt een brug geslagen tussen watermanagement en culturele en economische opgaven en daarmee tussen ontwerp, gemeenschap en politiek. Interessant is bijvoorbeeld het project van SCAPE waarin kustbescherming gekoppeld wordt aan biodiversiteit, rentmeesterschap, onderwijs en economie door het aanleggen van een natuurlijk rif en ecologische waterkering waardoor de lokale gemeenschap vis en oesters kan kweken.

Toekomstbeelden
Bij de officiële opening opperde Sijmons dat het beste onderzoek naar de toekomst wordt gedaan vanuit de ontwerpdiscipline. De toekomstbeelden die de IABR toont zijn hoopvol, maar zetten tegelijkertijd tot denken. Een stad (Casablanca) die zelf regen opwekt. Landschappen waarin bewoners, boerencollectieven, bedrijven, etcetera zelf hun energie opwekken. Warmtenetten die de hele stad beslaan en waarmee in de winter ook de openbare ruimte wordt verwarmd zodat je gewoon op een terrasje kunt zitten. Stadsafval dat wordt ontleed en omgezet in kostbare grondstoffen. Of Amsterdam dat over vijftig jaar is overwoekerd door de natuur.

IABR-Urban-by-Nature-Zwaan

De tentoonstelling vertelt de bezoeker dat mens en stad niet los staan maar onderdeel vormen van de natuur en dat natuur op haar beurt ook onderdeel uit kan maken van stedelijke en economische systemen. Zon en wind leveren ons energie. Bomen hebben een gunstige invloed op klimaat, luchtkwaliteit en leefbaarheid. Beleving van natuur (toerisme) levert geluk en werkgelegenheid op. Planten en dieren zijn uiteraard ook gewoon voedsel. Het samenspel tussen mens en natuur, techniek en ontwerp geeft de stad dus feitelijk nieuwe en ongekende mogelijkheden om zichzelf te transformeren en te verbeteren. Dat toekomstbeeld wordt verder geprikkeld door de tentoonstelling Pure Veerkracht in het Natuurhistorisch Museum, waar we niet alleen leren dat de biodiversiteit in westerse steden rijker is dan in de natuur, maar ook dat dieren zich aanpassen aan een ecologie die gedomineerd is door de mens. Dat levert vogelnesten van kippengaas en afval op en stadsvossen die leven van fastfood. Dogma’s sneuvelen ook in de Kunsthal. Het project ‘De rode lijst-tuin’ van Buro Harro leert ons dat de mensen en de stad niet de bedreiging zijn maar ook de redding voor zeldzame of verdwenen planten die op de ‘rode lijst’ staan. De omstandigheden in de stad zijn voor veel bedreigde soorten simpelweg beter dan in de natuur. En de zaden kun je gewoon bestellen op internet.

Handelen
Hoewel een groot deel van de projecten nog een hoog conceptueel gehalte hebben, doet de IABR ook een poging inzicht te verschaffen in hoe betrokkenen strategisch kunnen handelen. Zo is voor Brabant een strategie uitgestippeld waarmee met transformatieprincipes gewerkt kan worden aan de vier opgaven die de ontwerpers voor de provincie zien: de uitwassen van gemeentelijk grondbeleid die hebben geleid tot verouderde (bedrijven)terreinen en de erosie van stad-land verbindingen, het vastlopen van intensieve landbouw, decentralisatie van ruimtelijke planning in combinatie met nieuwe krachten uit de samenleving en het niet meer werken van extensieve masterplannen. Waar in Brabant de transformatieprincipes toe te passen zijn, hebben de ontwerpers verwerkt in het (letterlijke) stedelijke tapijt van Brabant.

IABR-Urban-by-Nature-BrabantStad

Stedelijk tapijt Brabant

Terugkerende boodschap van de expositie is verder dat duurzaam (her)ontwerp niet zozeer een technische opgave (techfix) is, maar meer dan ooit om slimme sociologische en sociaal-economische strategieën vraagt. Want hoe verplaatst je het volledige centrum van een stad vanwege verzakking door mijnbouw (Kiruna Zweden) en organiseer je een bewustzijn en krachten in een zich organisch ontwikkelende metropool die ernstig bedreigd wordt door enerzijds de zeespiegelstijging en tegelijkertijd bodemdaling (Jakarta).

Maar wanneer we stedelijke systemen fundamenteel willen hervormen, zullen we ook aan andere instrumenten moeten denken, zoals het belastingstelsel. Het project CAT, carbon added tax, laat zien dat belasting een gamechanger van formaat kan zijn. Vanuit het idee dat de BTW wordt vervangen door BTK (Belasting Toegevoegde Koolstof) hebben TU Delft, CE Delft en het Berlage Instituut, in beeld gebracht welk effect dit heeft op de prijs van bouwmaterialen, voedsel en transport. Om vervolgens scenario’s te schetsen van wat dit kan betekenen voor de ontwikkeling van de stad, voor voedselproductie en voor mobiliteit in de Rijn-Schelde-regio. En dan blijkt dat wonen op het platteland relatief veel goedkoper wordt, regionale distributiestromen aanzienlijk veranderen en wijkbewoners nieuwe middelen en strategieën in handen krijgen die de wijk en haar bewoners nieuwe toekomstperspectieven bieden.

IABR-Urban-by-Nature-CAT

Carbon Added Tax

Indirect tilt de IABR hiermee het denken over de stedelijke en dus mondiale opgaven naar een nieuw niveau, hoog boven de huidige discours en bestaande dogma’s en laat het zien dat het huidige denken in termen van economische of maatschappelijke transitie niet meer dan afgeleide is van de echte opgaven en kansen die voor ons liggen. De IABR 2014 URBAN BY NATURE biedt de stad en daarmee de vastgelopen ruimtelijke sector perspectief. De tentoonstelling voelt als een evangelie die over je wordt uitgestort. En geloven zul je.

 

Meer over de gedachte achter IABR-2014 URBAN BY NATURE, lees het interview met Dirk Sijmons op RUIMTEVOLK.

IABR-2014 URBAN BY NATURE, 29 mei tot en met 24 augustus 2014, Kunsthal en diverse andere locaties Rotterdam.

Op 6 juni, van 13.30u tot 16.00u organiseert RUIMTEVOLK in samenwerking met Nederlandwordtanders het mini-symposium ‘Werken aan de duurzame stad‘. Met drie ambitieuze wethouders en zes bijzondere projecten verkennen we de mogelijkheden om ambities in praktijk te verwezenlijken. Vooraf en na afloop kan de IABR-tentoonstelling in de Kunsthal bezocht worden (tegen het reguliere tarief van €11).

Agenda StadCirculaire stadiabrJaar van de RuimteNederland KringlooplandPlattelandWater

Judith Lekkerkerker

Over de auteur

Judith is adviseur, onderzoeker en schrijver op het gebied van stedelijke en regionale ontwikkeling.

Sjors de Vries Directeur RUIMTEVOLK

Over de auteur

Sjors is directeur van RUIMTEVOLK en van huis uit planoloog en sociaal geograaf.



Ook interessant:

De ambitieuze wijk van morgen

Chris ten Dam, Gerjan Streng, Maarten Hajer, Peter Pelzer en Thijs van Spaandonk

Terloopse contacten voor een veerkrachtige stad

Flip Krabbendam en Henriëtta Joosten

Radicale maar realistische ideeën voor een nieuw platteland

Anne Seghers