'Nieuw kapitaal' onder de loep

13 februari 2014  /  Bas Breman, Irini Salverda en Rosalie van Dam

Dit artikel komt uit het RUIMTEVOLK archief (2007-2017)

In het denken over ruimtelijke ontwikkelingen was tot voor kort was een smalle, louter economische opvatting van kapitaal en ondernemerschap dominant. Onder invloed van crises en bezuinigingen en als gevolg van actieve, creatieve, goed geïnformeerde burgers groeit het belang van andere vormen van kapitaal. Burgers ontwikkelen en mobiliseren sociaal-cultureel kapitaal en zetten hiermee inspirerende (ruimtelijke) ontwikkelingen in gang. Onderzoekers aan Alterra Wageningen UR onderzochten de belangrijkste bestanddelen en mechanismen van dit sociaal-cultureel kapitaal.

Op veel plekken nemen burgers zelf het heft in handen om te werken aan concrete oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen. Waar lange tijd het individualisme hoogtij vierde, gaan burgers nu vaak collectief en op lokaal niveau aan de slag in wat ook wel de ‘doe het zelf-maatschappij’ of ‘weconomy’ wordt genoemd. Burgers veranderen van consumenten in producenten en initiëren ontwikkelingen op het gebied van duurzame energie, lokale voedselnetwerken, kleinschalige zorgconcepten, duurzame wijken, etc..

Deze burgerinitiatieven kunnen worden gezien als sociaal-cultureel ondernemerschap. Hierbij gaat het niet om een smalle, economische benadering van ondernemerschap maar juist om een brede benadering die kijkt naar de actieve en ondernemende opstelling van burgers waarbij naast financieel kapitaal ook sociaal kapitaal en cultureel kapitaal van groot belang zijn (Salverda e.a., 2012). Cruciale bestanddelen van dit kapitaal zijn onder andere: contacten, relaties, gezamenlijkheid, betrokkenheid, vertrouwen, ideeën, enthousiasme, energie, creativiteit, (vrijwillige) inzet, vertrouwen, identiteit, etc.. Juist het aanboren van deze hulpbronnen maakt dat initiatieven van burgers eerder van de grond komen en dat gezamenlijke activiteiten in het publieke domein kunnen worden gerealiseerd.

Menselijk kapitaal
Degene die deze bestanddelen, in de juiste mix, weet te mobiliseren heeft goud in handen. Dit is echter lang niet voor iedereen weggelegd. Kenmerkend voor veel burgerinitiatieven is de rol van trekkers. Deze trekkers worden ook wel ‘best persons’ genoemd om aan te geven dat het succes van dergelijke initiatieven vaak sterk afhangt van hún persoonlijke vaardigheden en competenties. Deze competenties kun je zien als menselijk kapitaal en dat omvat onder andere ondernemend vermogen, sociale en communicatieve vaardigheden, het kunnen leggen van verbindingen, overtuigingskracht, improvisatietalent, inlevingsvermogen en een niet te onderschatten mate van doorzettingsvermogen.

Informatiekapitaal
Daarnaast is het in de huidige informatiemaatschappij belangrijk om te beschikken over voldoende en de ‘juiste’ informatie, kennis en expertise. En het gaat daarbij ook uitdrukkelijk om informatie over ‘wie je moet hebben’. Dit wordt ook wel aangeduid als informatiekapitaal. Naast het vergaren van informatie is het op een juiste manier gebruiken van informatie van belang. Een goede communicatie, en het (strategisch) delen en uitwisselen van informatie is wezenlijk voor het succes van burgerinitiatieven.

Diffuse wederkerigheid
Het gebruikmaken van andere vormen van kapitaal gaat veelal gepaard met andere ruilmechanismen. Zo maken veel burgerinitiatieven (bewust of onbewust) gebruik van het principe van diffuse wederkerigheid. Dit type wederkerigheid hoeft niet perse in geld, is vaak informeel van karakter en hoeft ook niet perse op hetzelfde moment. Mensen doen bijvoorbeeld een bijdrage op basis van hun expertise en op een later moment, wanneer zij dat nodig hebben, ontvangen ze een bijdrage (in expertise, in natura, in producten) terug. Voor dit mechanisme is veel vertrouwen nodig, een vitaal bestanddeel in het functioneren en ontwikkelen van burgerinitiatieven.

Verschillende verbindingen
Kenmerkend voor de ‘weconomy’ is dat burgers allianties zoeken bij het realiseren van hun initiatief. Via hun menselijk kapitaal en informatiekapitaal gaan ze verbindingen aan met anderen en ontwikkelen ze hun sociaal-cultureel kapitaal. Interessant in dit verband is het onderscheid dat in de theorie wordt gemaakt tussen ‘bonding, bridging en linking social capital’ (Putnam, 2000; Szreter & Woolcock, 2004). ‘Bonding social capital’ refereert aan de interactie en verbinding tussen de trekkers van een initiatief en hun mede-burgers die gelijk zijn qua sociale identiteit. Bij ‘bridging social capital’ gaat het over de interactie en samenwerking tussen lokale groepen met verschillende interesses en belangen maar wel gelijkwaardig in status of macht. Denk bijvoorbeeld aan verschillende (belangen)groepen, verenigingen of initiatiefnemers binnen één dorp. ‘Linking social capital’, tot slot, heeft betrekking op de interactie tussen de initiatiefnemers en partijen die ongelijk zijn in machtspositie, zoals gemeenten en provincie. Voor het welslagen van een burgerinitiatief blijken alle drie de verbindingsstrategieën van belang. Per initiatief zal verschillen op welke vorm en in welke fase het accent moet worden gelegd. Ook ondervinden veel initiatiefnemers in de praktijk dat het ‘informele’, ‘gezelligheid’ en ‘het gezamenlijk vieren van successen’ van groot belang is, met name voor het versterken van het proces van ‘bonding’.

Daarnaast blijkt uit ons onderzoek dat succesvolle burgerinitiatieven naast het betrekken van de mensen uit hun ‘warme netwerk’ juist ook goed in staat zijn om hun ‘koude netwerken’ te activeren. Mede op basis van theorie van Granovetter (1983) en Lin (2001) over weak en strong ties blijkt dat met het betrekken van de zogenaamde ‘weak ties’, het palet aan beschikbare en verschillende resources zoals contacten, kennis, expertise, ervaring en competenties vele malen wordt vergroot. Met het verbinden van andere netwerken aan je initiatief ontstaat er een wereld nieuwe mogelijkheden en kansen, hetgeen de kans van slagen ras doet toenemen.

(H)erken het zachte kapitaal
Op steeds meer plekken ontstaan initiatieven van burgers die, bewust of onbewust, gebruik maken van een breder en flexibel waardenbegrip bij ruimtelijke opgaven en gebiedsontwikkelingen. Ondanks het feit dat de transitie naar een ‘weconomy’ in volle gang lijkt, hebben veel van de gevestigde structuren en partijen zoals overheden, corporaties, instellingen etc. nog moeite om deze andere en zachtere vormen van kapitaal te (h)erkennen, zowel buiten als binnen de eigen organisatie. Wanneer het deze partijen lukt om deze verschillende vormen van kapitaal op waarde te schatten én te benutten biedt dit pas echt perspectief.

Foto boven: SintJansmarkt 2013, SintJanKloosterburen, gebiedsontwikkeling door burgers http://sintjankloosterburen.nl  (foto: StJan Kloosterburen)

Referenties
– Breman, B.C. en A. Aalvanger (2013) Een vruchtbaar initiatief – Lessen en ervaringen van SintJan Kloosterburen. Wetenschapswinkel Wageningen UR.
– Dam, R.I. van; Salverda, I.E.; During, R. (2011) Effecten van Burgerinitiatieven en de rol van de rijksoverheid. Deel 5 van de serie Burgers en landschap. Wageningen : Alterra, Wageningen UR. (http://edepot.wur.nl/180888)
– Dam, R.I. van; Salverda, I.E.; During, R. (2010) Strategieën van burgerinitiatieven. Deel 3 van de serie Burgers en Landschap. Wageningen : Alterra, Wageningen UR. (http://content.alterra.wur.nl/webdocs/internet/corporate/prodpubl/boekjesbrochures/B-L3.pdf)
– Granovetter, M. (1983) The Strength of Weak Ties: A Network Theory Revisited. Sociological Theory, Vol. 1 (1983), pp. 201-233.
– Lin, N. (2001) Social capital: A theory of social structure and action. London: Cambridge University Press.
– Putnam, R. (2000) Bowling Alone: The Collapse and Revival of American Community. New York: Simon and Schuster.
– Salverda, I.E.; Jagt, P.D. van der; During, R. (2012) Sociaal Cultureel ondernemerschap, in de groene leefomgeving. Deel 1 van de serie Zo doen wij dat hier! Wageningen: Alterra.
– Szreter S. en M. Woolcock (2004) Health by association? Social capital, social theory and the political economy of public health. International Journal of Epidemiology, 33 (4) (2004), 650–667.

nieuw kapitaal

Bas Breman Onderzoeker

Over de auteur

Bas Breman is als onderzoeker en kenniscoördinator werkzaam bij Alterra Wageningen UR, op het snijvlak van ruimtelijke en sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen. Hij is betrokken bij het Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions en heeft een passie voor de fiets.

Irini Salverda Onderzoeker

Over de auteur

Irini Salverda is onderzoeker bij Alterra Wageningen UR.

Rosalie van Dam Bestuurskundig onderzoeker bij WUR / Alterra

Over de auteur

Rosalie van Dam werkt als bestuurskundig onderzoeker bij WUR / Alterra en doet onderzoek naar burgerinitiatieven, sociale innovatie en community governance.



Ook interessant:

Een ruimte van verschil

Hans Teerds

Publieke welvaart

Simon Franke en Wouter Veldhuis

Terloopse contacten voor een veerkrachtige stad

Flip Krabbendam en Henriëtta Joosten