Woningen in zicht?

23 februari 2010  /  RUIMTEVOLK

Dit artikel komt uit het RUIMTEVOLK archief (2007-2017)

En als we nu eens genoeg woningen hebben? Ja, sorry, ik val nogal met de deur in (het zoveelste) huis, maar dat schoot opeens door me heen. Wat als zou blijken dat we genoeg woningen hebben, dat zou schrikken zijn, denk ik.

Krimp, nou ja die krimp, hoor ik u denken, die krimp zit toch alleen maar in de randen van Nederland. De buitengewesten. Guur, einde van onze wereld, ontzettend ver zuid…Limburg, heel hoog weggestopt oost …Groningen, bijna in de zee gelegen ver weg …Zeeland. Maar in de rest van ons lage land, daar is toch nog volop vraag. Daar worden overrijpe twintigers ongeveer uit hun slaapkamers bij pa en ma gedrukt. Ingebouwd door de eerste verzameling meubeltjes en andere uitzet die meteen in het zo fel gewenste maar helaas bijna onverkrijgbare eerste huis kunnen worden gezet. Daar schuifelen hordes (plotseling!) alleenstaanden met doorweekte kleren door kille straten, op zoek naar een woning, maakt niet uit wat voor woning, als het maar enigszins wind- en waterdicht is.

U ziet ze niet. Ik zie ze niet. Maar ze moeten er zijn. Want onze rekenmodellen geven het aan. En zo’n model dat is de waarheid, want daar is over nagedacht. Dat weten we heel goed want we kennen al die veronderstellingen die onder zo’n model liggen. Toch? En we weten dat als ook maar één variabele iets anders zou zijn, de uitkomsten compleet wijzigen, toch? Natuurlijk, wij laten ons niet met een kluitje het riet in sturen (al was het maar omdat het riet wel de laatste plek zou zijn waar je een woning vindt).

Weet u dat ik laatst een flard meekreeg van een evaluatie van ons belangrijkste rekenmodel. Bleek dat men onder andere over het hoofd had gezien dat als twee huishoudens gingen samenwonen er een woning op de markt beschikbaar komt. Au!

Maar voor de rest kloppen al die modellen natuurlijk als een bus. Want er is volop druk op de woningmarkt. Er staan nauwelijks huizen te koop. Laat staan woningen onder de 2,5 ton. Zo schaars als kaviaar. En de onderkant van het bezit van woningcorporaties verhuurt natuurlijk als een tierelier. Het is niet veel, maar kost nog minder en de woningnood is enorm. Dus die gaan als de allerwarmste broodjes over de door legers van huizenzoekers belaagde toonbanken. Toch?

Ongerust zou je pas hoeven te worden als woonbehoefte modellen niet blijken te kloppen, of elkaar tegenspreken. Als zelfs betaalbare koopwoningen niet verkocht worden. Als steeds meer huurwoningen niet verhuurd worden. Als alles er op wijst dat we genoeg woningen hebben. Maar er is gelukkig geen enkel teken dat daar op wijst. Wees niet ongerust, in onze informatiemaatschappij zouden we zo’n teken meteen opvangen. Zo’n grote verandering zie je echt wel aankomen. Zoals bijvoorbeeld ….de kredietcrisis (?) Toch?

Venhoop

Foto boven: Sjors de Vries

Woningmarkt



Ook interessant:

Terloopse contacten voor een veerkrachtige stad

Flip Krabbendam en Henriëtta Joosten

Het publiek domein als grote gelijkmaker

Anne Seghers en Sjors de Vries

NOVI: Een hoopvol perspectief?

Peter Paul Witsen