Voldoende bouwgrond voor miljonairs is noodzaak

02 december 2008  /  Remco Deelstra

Dit artikel komt uit het RUIMTEVOLK archief (2007-2017)

Het Nederlandse volkshuisvestingsbeleid is sterk sturend van karakter en vooral gericht op de zorg voor goede huisvesting. Het resultaat van tientallen jaren van deze praktijk is, dat in Nederland feitelijk geen sprake is van woningnood, althans niet in kwantitatieve zin. Vooral de huishoudens die niet zelfstandig kunnen voorzien in een eigen woning, hebben de vruchten geplukt van dit beleid. Voor een onderbelichte doelgroep, de rijke Nederlanders, is de oogst echter matig. Het verwezenlijken van hun woonwensen is vrijwel niet mogelijk, omdat eigen initiatief in dit vakgebied niet gewaardeerd wordt. Deze weeffout in het stelsel moet nodig worden hersteld.

 

Wie is de rijke Nederlander eigenlijk?
Op mondiale schaal zijn alle Nederlanders rijk, maar zo globaal bedoel ik het hier niet. Het gaat om de Nederlanders die miljonair zijn, in omvang ongeveer 1% van de Nederlandse bevolking. Deze groep komt in de huidige woningmarkt niet aan haar trekken. Er zijn uiteraard historische panden met een waarde die in de miljoenen loopt, maar dit vormt slechts een zeer beperkt deel van de markt.

 

Een huishouden in het hogere inkomenssegment wordt hiermee feitelijk gedwongen een pand aan de gracht te kopen, of een buitenhuis aan bijvoorbeeld de Vecht. In de praktijk betekent dit een onbedoelde concentratie van deze doelgroep op een beperkt aantal locaties in Nederland. Bovendien wordt deze doelgroep een passende nieuwbouwwoning ontzegd.

 

artikel afbeelding Villa in Almere (foto Bart Cosijn)

 

Scheef wonen
Een huishouden uit deze doelgroep dat graag een nieuwe woning wil oprichten in bijvoorbeeld het buitengebied, kan nergens terecht. Veel dorpen en steden hebben uitleglocaties, maar daar beperkt het hogere segment zich meestal tot kavels die de 1.500 m2 niet te boven komen. Voor het oprichten van een serieuze woning in een mooie ruimtelijke setting is daar dan geen ruimte voor. Wat we dan ook zien is dat de doelgroep uitwijkt naar een lager segment, als enig mogelijk substituut. Hierdoor ontstaat onnodige druk in dat segment, en is bovendien sprake van ongewenst scheef wonen. Het is of de overheid de bovenste trede van de woonladder tot verboden gebied heeft verklaard.

 

Hoe is deze situatie ontstaan, en hoe is die te wijzigen?
De Nederlandse maatschappij heeft een sterk egalitair karakter. Het is de middenmoot – anderen zullen zeggen middelmaat – die de toon zet. En anders dan voor de lagere inkomensklassen heeft de overheid geen oog voor de noden en wensen van het hogere segment. Of beleidsmakers zijn deze doelgroep vergeten, of gaan er abusievelijk van uit dat zij zichzelf wel kunnen redden. Dit laatste blijkt in de praktijk dus niet mogelijk te zijn.

 

artikel afbeelding
Artist impressie van nieuwbouwwoning op Park Brederode, Bloemendaal

 

De oplossing ligt voor de hand, en is redelijk eenvoudig in te voeren: geef het hogere segment de vrije hand. Met zijn inkomen is hij in staat om alle benodigde kennis in te huren om kwalitatief hoogstaande woningen te laten bouwen, die qua ruimtelijke uitstraling en setting een verrijking voor de omgeving zijn. De doelgroep eist wel een bepaalde mate van exclusiviteit. Deze is te borgen door boven een bepaalde ondergrens de regels te versoepelen. Bijvoorbeeld bij percelen met een grootte vanaf 5.000m2.

 

Noblesse oblige
Het is een illusie te denken dat in het vlakke Nederland een dergelijke stap zonder ophef en verontwaardiging is in te voeren. De goegemeente zal klagen over ongelijke behandeling; de groep die zichzelf ziet als hoeder van de ruimtelijke kwaliteit zal bang zijn voor de vulgariteit van de nouveau riche.

 

Ten aanzien van de ongelijke behandeling kunnen we kort zijn: dat klopt. Niet iedereen is gelijk, dus niet iedereen hoeft gelijk behandeld te worden. Naar analogie van de automarkt: we rijden niet allemaal in een Skoda. En de vulgariteit van de nieuwe rijke: misschien is de zorg terecht en misschien ook wel niet. De kansen die de nieuwe vrijheid biedt zijn te aanlokkelijk om op basis van gevoelens te laten schieten. Uiteindelijk was en zal er altijd sprake zijn van noblesse oblige. De hogere inkomensklassen willen niet te kijk staan als kitscherige cultuurbarbaren, en bovendien zullen zij sowieso een beroep doen op professionele architecten. Kortom, een wat voorbarige zorg.

 

Uiteindelijk zal de hele woonladder, en dus alle Nederlanders, profiteren van de voorgestelde vrijheid. Het scheef wonen op de bovenste treden zal verminderen, waardoor er ruimte ontstaat voor doorstroming op de woningmarkt. Tegelijkertijd zal met de herwonnen vrijheid een nieuw elan zijn intrede doen. Nieuwe, hoogwaardige vormen van architectuur worden de standaard voor alle nieuwbouw, waar eveneens iedereen van profiteert. Bovendien is dan eindelijk weer sprake van echte gelijke behandeling in de woningmarkt, want echte gelijkheid betekent dat elke doelgroep maximaal bediend wordt.

 

Kortom: laten we de Vecht van de 21ste eeuw gaan bouwen!

 

De artist impressions zijn van nieuw te bouwen woningen op Park Brederode, Bloemendaal, naar ontwerp van KOW architecten en architectenbureau Dam en partners.

Woningmarkt

Remco Deelstra Beleidsmedewerker wonen en duurzaamheid

Over de auteur

Remco Deelstra is beleidsmedewerker wonen en duurzaamheid bij de gemeente Leeuwarden.



Ook interessant:

Column: Tegenstellingen - de blinde vlek van het ruimtelijk beleid

Hans Peter Benschop

Springplank voor een betere stad

Anne Seghers

Terloopse contacten voor een veerkrachtige stad

Flip Krabbendam en Henriëtta Joosten