Nieuw perspectief voor Parkstad

04 mei 2018  /  Anne Seghers en Kris Oosting

Parkstad Limburg wil met een IBA regionale ontwikkeling aanjagen

In de Oostelijke Mijnstreek, nu Parkstad Limburg, was de mijnindustrie niet alleen de belangrijkste economische pijler, maar ook drager van de culturele identiteit en ordenaar van het landschap. De mijnsluiting had dan ook ingrijpende gevolgen. Inmiddels is de regio zichzelf opnieuw aan het uitvinden. Met een IBA, een Internationale Bau Ausstellung, zoekt Parkstad naar een nieuw perspectief.

Met de sluiting van de mijnen is de logica uit het Limburgse landschap verdwenen.  ‘Rond elke mijn werd een dop opgezet. Hierdoor groeide Parkstad uit tot een versnipperde regio met een veelheid aan kleine kernen. Dit sluit niet meer aan op de huidige realiteit’, vertelt Kelly Regterschot, directeur van IBA Parkstad. De positie van de regio is immers veranderd. Parkstad heeft te maken met een afnemend inwoneraantal, een smallere economische basis, leegstand, vergrijzing en ontgroening. ‘Om de regio toekomstbestendig en veerkrachtig te maken, zullen kernen elkaar meer moeten aanvullen, met Heerlen als regionaal centrum. Om deze zoektocht naar regionale economische versterking te ondersteunen, is de Stadsregio Parkstad in 2013 de IBA gestart. IBA Parkstad is na Basel de tweede editie die buiten Duitsland plaatsvindt’.

Met de sluiting van de mijnen is de logica uit het landschap verdwenen

Vernieuwing

Eerdere IBA’s in Duitsland genieten inmiddels wereldfaam, zoals die in Emscher Park, Hamburg of Berlijn. Een IBA zet een gebied een langere tijd in de schijnwerpers en stimuleert de ontwikkeling van nieuwe concepten die een impuls geven aan de ruimte, economie en samenleving in het gebied. Daarbij genereert een IBA zowel vernieuwing in de regio zelf als in het vakgebied. Kenmerkend aan een IBA is dat deze gedragen wordt door een uiteenlopende coalitie van partijen in het gebied die kennis, kunde en middelen inzetten. Een onderliggend verhaal is van groot belang om partijen en projecten te verbinden en versterken.

Park Urbana. Fotografie: IBA Parkstad

In Parkstad zijn inmiddels 50 IBA-projecten geselecteerd die in het uitvoeringsprogramma staan. Regterschot: ‘Het zijn innovatieve projecten die een structurele verbetering en een economisch effect in de regio opleveren. Deze projecten bieden een nieuw perspectief voor de opgaven waarmee Parkstad te maken heeft.’ De IBA-projecten zitten in verschillende fases van uitvoering en concentreren zich rond vijf thema’s: de herontdekking van het landschap, herstructurering en hergebruik in het stedelijk gebied, slimme oplossingen voor erfgoed, het nieuwe maken en nieuwe vormen van initiatief in Parkstad. ‘Iedere projecteigenaar blijft zelf verantwoordelijk voor de ontwikkeling en realisatie van zijn project. IBA is enkel een aanjager en versneller, die waar nodig of gewenst aanvullende kwaliteit toevoegt.’

Landschap ontsluiten

Van de 50 projecten zijn er 15 aangewezen als sleutelproject, zoals de Leisure Lane: een recreatieve fietsroute die verschillende waardevolle groene en stedelijke gebieden van Parkstad gaat verbinden. De route dient uit te groeien tot een attractie op zichzelf en wordt deel van het internationale netwerk van langeafstandsfietsroutes. Zo sluit hij in de toekomst aan op de Duitse Vennbahn en het Belgische kolenspoor. De fietsroute gaat plekken in Parkstad ontsluiten die nu nog onontdekt zijn – zelfs voor de inwoners.

De lokale onbekendheid met die landschappelijke of cultuurhistorisch waardevolle plekken heeft te maken met de manier waarop Parkstad in het verleden is gegroeid en de ruimtelijke fragmentatie die daaruit is ontstaan. Groene en stedelijke landschappen raken elkaar daarin voortdurend, maar zijn niet altijd goed ontsloten en liggen soms zelfs met de achterkanten naar elkaar toe. Het verbeteren van die stad-landrelaties is een belangrijk aandachtspunt binnen de IBA.

Groevengordel

Bovendien zit een deel van het landschap letterlijk op slot: niet alleen het mijnverleden laat zijn sporen na in de regio Parkstad, ook de winning van zilverzand sinds het begin van de 20e eeuw heeft een grote impact op het landschap. Verschillende groeves vormen een gordel die zich strekt van Heerlerheide tot in Abdissenbosch. Deze moeten op termijn een nieuwe invulling krijgen, maar zijn nu nog ontoegankelijk voor het publiek. Dit gebied, dat het landschappelijke hart van Parkstad vormt, keert zich daardoor af van de stedelijke gebieden eromheen. Samen met de exploitanten zoekt IBA naar nieuwe invullingen voor de groevengordel wanneer de zandwinning stopt – op zijn vroegst in 2030. Voorzichtige experimenten met openstelling en activering van de terreinen vinden inmiddels plaats.

Waar de Leisure Lane door heel Parkstad kronkelt en de verschillende aspecten van het gebied aaneenrijgt, moet de groevengordel – samen met de aangrenzende Brunssumerheide – het centrale park van Parkstad worden. Een poging om orde te scheppen in het gefragmenteerde land. Het centrum van Heerlen, waar meerdere sleutelprojecten zich concentreren, is daarvan misschien wel de stedelijke tegenhanger.

In Parkstad Limburg ligt een gordel van zandgroeves. Fotografie: IBA Parkstad.

Onderscheidend profiel

De ruimtelijke en sociale structuur van Parkstad zorgde ervoor dat voorzieningen verspreid waren over meerdere kernen en er geen sterke centrumgemeente was. Nu het voorzieningenniveau in de regio onder druk staat, ontwikkelt Heerlen zich steeds meer tot het stedelijke hart van Parkstad. Via meerdere projecten krijgt de binnenstad, die kampt met leegstand, een kwaliteitsimpuls. Heerlen kiest daarbij voor een ‘urban’ profiel: de stad koestert het onaffe en ruwe karakter dat is ontstaan tijdens de snelle groeiperiode die het de vorige eeuw doormaakte.

Die ongebreidelde groei leverde niet altijd fraaie architectuur op. Zo versnipperd als de regio was, werd ook de stad. In plaats van een nostalgische greep in het verleden te doen, omarmt Heerlen juist de daardoor ontstane kwaliteiten en probeert daar nieuwe culturele en stedenbouwkundige lagen aan toe te voegen. Bijvoorbeeld door levensgrote murals op blinde gevels te plaatsen, door urban evenementen naar de stad te trekken, door ruimte te geven aan jonge ondernemers met een urban profiel en via een herwaardering van onderscheidende architectuur. En hoewel het project geen onderdeel vormt van de IBA, is ook het in aanbouw zijnde Maankwartier – een even speels als industrieel ogend stedelijk ensemble bij het station van Heerlen, ontworpen door kunstenaar Michel Huisman – een poging het onderscheidende profiel van Heerlen verder te versterken. Heerlen positioneert zich daarmee in de regio nadrukkelijk als tegenhanger van Maastricht.

Ondanks de vijf overkoepelende thema’s is het nog zoeken naar de samenhang

Samenhang

Nu IBA Parkstad zich halverwege de doorlooptijd bevindt, kan voorzichtig gekeken worden naar de tussenstand van het toekomstperspectief dat IBA de regio wil bieden. Ondanks de vijf overkoepelende thema’s die benoemd zijn, is het nog zoeken naar de samenhang in het uitvoeringsprogramma. De erfenis van de mijnindustrie, die in potentie een herkenbare drager is, schijnt aarzelend door de projecten heen. Ook de betrokkenheid van partners en bewoners kan nog worden verbeterd. ‘Een dergelijk grootschalig gebiedsexperiment gaat niet over één nacht ijs en zolang projecten nog niet concreet zijn, blijkt het een uitdaging om partijen aan de IBA te binden. Ook het betrekken van bewoners blijkt in de praktijk een flinke klus. Juist voor deze groep is het belangrijk dat projecten concreet en zichtbaar worden’, vertelt Kelly Regterschot. ‘De komende twee jaar verwachten we hierop ferme stappen te zetten. Dat dit de goede kant op gaat, blijkt uit het feit dat partijen als DSM en Rabobank inmiddels meedoen, evenals een aantal woningcorporaties en het MKB uit Parkstad.’

In 2020 moet de opbrengst zichtbaar worden. Dat jaar gebruikt IBA Parkstad om gerealiseerde projecten tentoon te stellen, evenementen en congressen te organiseren en om projecten in aanbouw te bezoeken. Maar 2020 is niet het eindpunt van IBA Parkstad. ‘De projecten blijven zich verder ontwikkelen en de effecten zijn pas na 2020 echt merkbaar.’ Ondanks dat niet alle projecten in 2020 gerealiseerd zijn, gelooft Regterschot wel dat het perspectief van de regio dan veranderd is. ‘Zowel inwoners van Parkstad Limburg als partijen uit de rest van het land zullen onze regio dan anders bekijken en veel meer de kansen zien die er liggen. Nu al merken we dat het regionale vestigingsklimaat verbetert en dat er een wisselwerking ontstaat tussen IBA-projecten en lokale agenda’s. Deze dynamiek kan in de toekomst alleen maar verder groeien.’


Anne Seghers Redacteur en onderzoeker

Over de auteur

Anne is redacteur bij NL Magazine en onderzoeker en adviseur bij RUIMTEVOLK.

Kris Oosting Hoofdredacteur NL

Over de auteur

Kris is hoofdredacteur van NL Magazine.



Ook interessant:

Column: Tegenstellingen - de blinde vlek van het ruimtelijk beleid

Hans Peter Benschop

De verborgen verhalen van Rotterdam

Teun van den Ende

Sociaaleconomisch beleid: wat kunnen provincies en gemeenten doen?

Maarten Allers